 |
nieuws > De Rechtbank zet vraagtekens bij de overname van Alpuro door VanDrie
1-9-2011
Persbericht van de NBHV en NMV:
De NMa heeft de overname van Alpuro door VanDrie goedgekeurd, maar hier zet de Rechtbank nu vraagtekens bij. De NBHV en NMV gingen vorig jaar in beroep tegen het besluit van de NMa die groen licht gaf aan de overname van kalverintegratie Alpuro door marktleider VanDrie Group. De rechtbank heeft op 25 augustus bij tussenvonnis de NMa in de gelegenheid gesteld om gebreken in het bestreden besluit te herstellen. Het grootste twistpunt ligt in de uitspraak van de NMa dat de kalfvleesmarkt een Europese markt zou zijn en geen nationale. De NBHV en NMV zijn verheugd over deze uitspraak van de Rechtbank. Het is overigens pas de tweede keer dat de Rechtbank een goedkeuringsbesluit op deze manier bekritiseert.
Volgens Rechtbank heeft de NMa haar huiswerk niet goed gedaan en dient ze alsnog hun goedkeuring te onderbouwen. De NMa is gevraagd om aan te tonen waarom zij de verkoopmarkt voor kalfsvlees tot Europees bestempelt. Er zijn namelijk aanwijzingen dat het nationale verkoopmarkten betreft. De reden waarom de NMa de overname van Alpuro heeft goedgekeurd is onder andere omdat Nederlandse kopers van kalfsvlees ook hun kalfsvlees in het buitenland kunnen kopen en er dus nog genoeg concurrentie is. Maar de productie in de grotere landen als Duitsland, Frankrijk en Italië schiet dusdanig te kort dat ze niet eens genoeg kalfsvlees voor hun eigen markt hebben. Nederland exporteert wel veel kalfvlees, maar kan te weinig importeren om van een concurrerende en Europese markt te spreken.
Wat vooraf ging
Op 4 mei 2010 besloot de NMa dat voor de overname van Alpuro door de VanDrie Group geen vergunning vereist was. Daarmee gaf de NMa vrij baan aan VanDrie dat daarmee volgens de NMa op de inkoopmarkt voor de slacht van vette kalveren een marktaandeel tussen 90 tot 100 procent krijgt en 17 procent op de Europese kalfsvleesmarkt.
De NBHV en NMV hebben op 15 juni 2010 beroep hier tegen ingesteld. De eerste beroepsgrond betreft de inkoopmacht van afnemers die volgens de NMa slechts bezien hoeft te worden in het licht van de gevolgen voor de consument van kalfsvlees. Met meer dan 90 procent marktaandeel op de inkoopmarkt is er volgens NBHV en NMV geen sprake meer van concurrentie en is de kans groot dat inkoopprijzen voor nuka’s en vette kalveren worden gedicteerd. Een uitspraak over deze kwestie is van belang voor alle veehouders. Immers, ongewijzigd NMa-beleid betekent dat het toegestaan is dat er in Nederland slechts één kalverintegratie of varkensslachterij overblijft, mits de consument van vlees er maar niks van merkt.
Ten tweede is er volgens eisers geen sprake van een Europese markt voor de verkoop van kalfsvlees, maar van nationale markten. Op grond van het hoge marktaandeel op de Nederlandse markt voor de verkoop van kalfsvlees had de NMa nader onderzoek moeten doen en een vergunning moeten verlangen.
|
 |